Beleggen in biotechnologie.

Biotechnologie staat voor de tak van de wetenschap die erop gericht is om het leven te verbeteren met behulp van alles wat zich in de natuur bevindt. De sector is een eiland van innovatie.

Wat is biotechnologie?

De term ‘biotechnologie’ is een samentrekking van de Griekse termen bios (leven) en technikos (gebruiken). Biotech-onderzoekers zijn dan ook bezig met alles wat zich in de natuur bevindt. Niet alleen planten, mensen en dieren maar ook bacteriën en cellen.

Het doel van biotechnologie is simpel gezegd om betere, gezondere exemplaren te maken door in te grijpen in de bouwstenen. Denk hierbij aan het fokken van dieren, het resistent maken van gewassen, het opkweken van huid voor transplantatie en het uitbannen van ziektes door genetische manipulatie. Maar ook het ontwikkelen van nieuwe medicijnen en het produceren van nieuwe stoffen of materialen past helemaal in het hokje van de biotech sector.

Kortom; biotechnologie is een zeer breed terrein. Het is ook een veel oudere tak van sport dan menigeen zou denken.

De geschiedenis van biotechnologie.

Er wordt wel gesproken van 3 perioden in de biotechnologie. De klassieke biotechnologie bestaat al duizenden jaren. Mensen leerden bij toeval hoe het kwam dat melk yoghurt werd. En hoe kaas werd gemaakt van datzelfde melk. Dat werd in de loop der tijd telkens onderkend en verbeterd. Toen men doorkreeg dat men met behulp van dingen uit de natuur nieuwe producten kon maken, ontstonden de fenomenen die wij nu als heel gewoon bestempelen, zoals bier en wijn. Allemaal producten van oeroude biotechnologie.

Toen kwam men erachter dat het kruisen van rassen zowel bij planten als dieren, een sterker, beter ras kon opleveren. De biologische landbouw van vandaag de dag werkt nog steeds op dezelfde manier.

Vanaf de Tweede Wereldoorlog tot nu zijn wetenschappers bezig met de werking en invloed van micro-organismen op de kwaliteit en houdbaarheid van voedingsmiddelen. De implementatie van dergelijke organismen in onze voedselproductie wordt de industriële biotechnologie genoemd.

Men begon daarnaast losse cellen van planten en dieren te kweken. Dit was vooral voor de geneeskunde een flinke stap voorwaarts. Men kon vaccins en antibiotica ontwikkelen. Het leidde niet alleen tot nieuwe inzichten in de werking van levende organismen. Er kon nu ook worden gekloond, iets wat altijd voor science fiction werd gehouden.

De moderne biotechnologie in kaart gebracht.

De moderne biotechnologie is nog een paar stappen verder dan de industriële variant. Hierbij duiken wetenschappers in de mogelijkheden van aanpassingen in ons DNA. We begrijpen steeds meer hoe erfelijk materiaal in elkaar steekt en welk deel waarvoor verantwoordelijk is. Hoewel we zeker nog niet alles doorgronden, kunnen we al wel voor bepaalde erfelijke aandoeningen een behandeling bedenken die voorkomt dat iemand deze aandoening ook werkelijk krijgt. Zo’n behandelmethode heet gentherapie. Overigens geldt dit niet alleen voor situaties bij mensen. Ook bij dieren en zelfs bij planten - of eigenlijk gewassen - wordt gentherapie al toegepast. Van een aantal gewassen bestaan al varianten die door genetische modificatie zijn aangepast. Een vrucht kan bijvoorbeeld extra voedingsstoffen gaan bevatten. Of ze zijn na modificatie resistent tegen ziekten of ontwikkelen een bepaald stofje dat ze beschermt tegen vraatzuchtige insecten. Dat stofje moet de gewassen natuurlijk niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie. Voor alles wat met biotechnologie te maken heeft, geldt feitelijk hetzelfde: het moet optimaal werken (effectiviteit) en het moet zo veilig mogelijk zijn. 

Ook het DNA van bepaalde dieren werd veranderd om bijvoorbeeld te zorgen dat ze meer vlees hebben of meer melk produceren. Twee voorbeelden van dieren die het wereldnieuws haalden omdat ermee geëxperimenteerd was, zijn stier Herman en schaap Dolly. In het DNA van de stier Herman (1990) werd een stukje menselijk DNA ingebouwd, waardoor vrouwelijke nakomelingen melk met het ontstekingsremmende eiwit lactoferrine zouden moeten gaan produceren. Deze melk zou dan kunnen worden gebruikt voor babyvoeding. De vrouwelijke nakomelingen van de stier bleken wel enige mate van lactoferrine te produceren maar te weinig om echt bruikbaar te zijn.

Schaap Dolly (1997) was het eerste gekloonde schaap ter wereld. Dolly had precies hetzelfde DNA als haar moeder. Hiervoor werd overigens een cel gebruikt dat al ‘gespecialiseerd’ was, in tegenstelling tot een stamcel die nog van alles kan worden. Voor het eerst bleek dat cellen hun specialisatie kunnen 'vergeten' en een nieuwe kunnen aannemen. In 2006 lukte het vervolgens om uit het DNA van Dolly opnieuw precies hetzelfde schaap als Dolly zelf te klonen. Sindsdien zijn er door wetenschappers vele lammeren, muizen en andere dieren gekloond.

01

De biotechnologiesector is dé grootste groeisector van dit moment. Vergelijkbaar met de computersector in de jaren '80!

02

In de biotechnologiesector zijn de grootste overnamekansen, welke gepaard gaan met grote bedragen.

03

Vandaag investeren betekent misschien volgend jaar al profiteren van een nieuw gemaakt medicijn. 

04

Door goede spreiding via een beleggingsfonds zorgt u voor een betere winkans en lager risico.

Spreid uw risico.

Kies naast een investering in de biotechnologie ook voor andere sectoren.

Neem contact op
icn-team

Marktneutraal

Beleg marktneutraal volgens een uitgekiende long/short strategie.

icn-team

Vastgoed

Een investering in stenen is van oudsher een sterke belegging geweest. Stap nu in flexibele kantooroplossingen.

icn-team

Bedrijfsleningen

Beleg in andermans investeringen door bedrijfsleningen te faciliteren. Samen maakt u handel mogelijk.

icn-team

Duurzaam

Duurzaam beleggen zorgt niet enkel voor uw eigen rendement, maar straalt goed af op de hele wereld.

Succesvol rendement behalen met biotechnologie.

Beleggen in biotechnologie vraagt veel geduld en moeite om de beste aandelen op het juiste moment in portefeuille te hebben. Het kan snel gaan in deze sector, terwijl er ook heel lang geen nieuws kan zijn.

Succes hebben met beleggen in biotech kan wel degelijk waarheid worden, maar de kans is erg klein, dat geven we ruiterlijk toe. Wetenschappers schetsen vaak een zeer mooi beeld van de toekomst die ontstaat door hun uitvindingen, maar om een medicijn echt goedgekeurd te krijgen zijn vele stappen, lees vele investeringen in tijd en geld, nodig. Zelfs CEO’s van betrokken bedrijven zijn geneigd de wetenschappers te citeren, het is immers hun toekomst, en hebben het zelden over de doorlooptijd en de echte kans op succes.

Even wat feiten om een geïnteresseerde belegger goed te informeren: de doorlooptijd van goedkeuring van een medicijn is gemiddeld meer dan 10 jaar, de kosten van ontwikkeling gedurende die tijd meer dan 1 miljard en de kans dat NA de start van de laatste fase een medicijn wordt goedgekeurd is nog steeds maar 30%.

De ontwikkeling van nieuwe medicijnen verloopt in fasen. In het begin hebben we het over laboratoriumonderzoek en eventueel dierproeven. Vele medicijnen zitten in deze fase, in feite de fase van uitproberen. Dat betekent echter niet dat er sprake is van 'zomaar wat experimenteren'. In de preklinische fase spelen universiteiten namelijk een belangrijke rol.

In fase 1 volgen uitgebreide testen op gezonde menselijke vrijwilligers, doorgaans een groep van enige tientallen personen. Deze fase wordt vaak gefinancierd door de durfkapitalisten - venture capital - en 'believers' die gemotiveerd zijn om het onderzoek te ondersteunen met grants en privé funding. Ongeveer 1 op de 10 medicijnen komt door deze fase heen.

In fase 2a worden 25 tot 300 patiënten behandeld en in fase 2b nog eens enkele honderden om een betere statistiek te krijgen. In fase 3 volgt behandeling van duizenden patiënten, deze fase kan zomaar 5 jaar duren. Na fase 3 kan het medicijn worden goedgekeurd voor de markt. In deze laatste fase gaat het echter nog steeds mis voor het merendeel van de medicijnen. Soms worden er additionele eisen gesteld door de toezichthouders. Een snelle oplossing is dan om de claim van het geneesmiddel te versmallen om zo toch goedkeuring te kunnen krijgen. Na goedkeuring komt de fase van commercialisatie. Als het bedrijf dat het medicijn op de markt wil brengen beursgenoteerd is dan geeft de succesvolle fase 3 afsluiting natuurlijk een boost aan de beurskoers.

Investeringen terugverdienen

De kosten van het ontwikkelingstraject zijn ontzettend hoog, door het feit dat het om mensen gaat en alles terecht zeer goed moet worden vastgelegd. Een ruwe gemiddelde indeling van uitgaven is €5 miljoen in de research, €20 miljoen in de preklinische fase, €100 miljoen in fase 1 en 2 en nog eens €250 miljoen in fase 3. Per medicijn kan dit sterk verschillen, deze (lage) schattingen geven een idee van wat de ontwikkeling kost. De kans op succes neemt natuurlijk toe met het verloop van de fases, van 0.1% na research en nog steeds een schamele 0.5% na de preklinische fase tot de eerder genoemde 30% bij de start van fase 3. Zodra het op het bureau ligt van de toezichthouder, is de kans op succes eigenlijk nog steeds 50%. 

Maar wanneer er groen licht gegeven is, kan het terugverdienen beginnen. Een biotechbedrijf maakt zelfs dan nog geen winst. De ontwikkelkosten moeten eerst terugverdiend worden. Het geld dat geïnvesteerd is in de ontwikkeling van een medicijn moet door de verkoop van het medicijn weer terugkomen. Daarnaast moeten die opbrengsten ook de kosten dekken van de eerdere mislukte ontwikkelingen van een bedrijf of bijvoorbeeld van de overname door het bedrijf van de ontwikkelende partner. Voor ziektes die weinig voorkomen, en waarvoor er dus een kleine markt is, leidt dit tot exorbitant hoge prijzen voor medicijnen voor zeldzame ziekten. Dit is wellicht een ethisch issue, maar vooralsnog kunnen we voor de belegger er van uit gaan dat een bedrijf zijn kosten met winst wil terugzien.

Hoe wordt belegd in biotechnologie?

Beleggers die gefascineerd zijn door de mogelijkheden van biotechnologie en willen investeren in de medicijnen van de toekomst, kunnen op meerdere manieren positie nemen. Er zijn heel veel beursgenoteerde onderzoeksinstituten die hun steentje bijdragen aan de biotech sector. Veel van die bedrijfjes zijn heel klein en zijn afhankelijk van investeerders om hun onderzoeken te financieren. Die investeerders zijn veelal farmaceutische bedrijven of filantropische instellingen. Vanzelfsprekend bent u als belegger ook ondersteunend bezig indien u aandelen koopt.

Aandelen

De kosten van gezondheidszorg worden door de vergrijzing steeds hoger en dus wordt de roep om efficiënte middelen steeds luider. Ook de verwachte gemiddelde levensduur zal de komende jaren stijgen, wat een motor zal zijn voor de biotech industrie. Binnen biotechnologie speelt innovatie een centrale rol.

Een parallelle ontwikkeling is dat de klassieke farmaciebedrijven hun ontwikkelingspijplijn zien opdrogen. Jonge biotechbedrijven zijn daarom nu op regelmatige basis het doelwit van preventieve overnames. Dit maakt beleggen in biotechnologie aantrekkelijk voor beleggers die op zoek zijn naar rendement op middellange termijn. Het Welgesteld Biotechnologie Fonds belegt in middelgrote beursgenoteerde biotech bedrijven in binnen- en buitenland. Het fondsmanagement hanteert een multi-criteria-aanpak, waarbij harde financiële cijfers gecombineerd worden met een modelmatige beoordeling van de kans op medisch succes. De beheerder van het fonds gaat uit van een lange termijn investering, al kunnen er ook tussentijds winsten gerealiseerd worden bij overnames of bij het bereiken van mijlpalen in de ontwikkeling.

shutterstock_143172097

Praat met onze experts.

Ons team van experts zit met antwoorden klaar op uw vragen.